Inge Leonora- Den Ouden -Aquarelpotloden-

Aquarelpotloden, wat kun je daarmee doen?

Je hebt vast wel eens aquarelpotloden gezien. Het zijn kleurpotloden waarvan de kleur met water oplosbaar is. Je maakt een tekening, die bewerk je met water … en het lijkt een aquarel! Dat klinkt makkelijk … maar is het echt zo eenvoudig? Wat moet je weten als je het zelf wilt doen?

Zie je een goedkope doos aquarelpotloden … koop die niet! De kleuren zijn flets en worden nog vager als je er met water overheen gaat. Goede potloden verkoopt de speciaalzaak voor kunstenaars per stuk. Je kunt een paar kleuren uitzoeken om mee te beginnen. Later kun je er meer kleuren bij kopen. Ik gebruik aquarelpotloden van Caran d’Ache (Supracolor Soft). Maar er zijn meer goede merken. De winkelier kan je daarover raad geven.

Heb je de potloden, begin dan met een test. Teken hokjes op een vel aquarelpapier. Kleur twee hokjes naast elkaar met één kleur aquarelpotlood. Laat de kleur verlopen van zacht naar fel en weer terug. Neem dan water, doop een penseeltje daarin en bewerk één hokje daarmee. Het andere laat je droog. Begin bij het zacht gekleurde deel en werk naar het felle toe, dat versterkt het verlopende effect.

Dit doe je met al je aquarelpotloden. Je merkt dat ze niet allemaal op dezelfde manier op water reageren. Nu je deze test hebt gedaan kun je daar voortaan rekening mee houden.

foto 1 inge 1(foto 1) Test van mijn aquarelpotloden

Goed papier is belangrijk. Omdat je water gebruikt is gewoon tekenpapier niet geschikt. Gebruik aquarelpapier van een stevige kwaliteit. Dat is ook te koop in die speciaalzaak. Ik heb het liefst papier van Schut. Het oppervlak wordt niet aangetast door alle bewerkingen. Er zijn meer goede merken, maar die zijn wat duurder. Denk er om dat ‘ruw’ aquarelpapier een ander effect geeft dan ‘glad’. Je zou ze allebei kunnen uitproberen.

Nu gaan we tekenen! Met aquarelpotloden teken je, maar het eindresultaat kan er uitzien als een schilderij, een aquarel.

Je begint met de ‘opzet’ (of ‘schets’). Je geeft aan waar alles moet komen op je papier. Ook daarvoor gebruik ik aquarelpotloden. Afhankelijk van het onderwerp teken ik de opzet met een neutrale tint (zoals grijs of lichtbruin), of in kleuren die terugkomen in de tekening. Zo worden de opzetlijnen later onzichtbaar.

Soms werk ik naar foto’s, soms uit mijn fantasie. Meestal maak ik eerst een voorschets met gewoon potlood of pen op printerpapier. Zo onderzoek ik de vlakken en verhoudingen van mijn onderwerp. Als ik een foto als voorbeeld gebruik meet ik alles goed op voordat ik het definitief op papier zet. Ik gebruik geen ‘raster’, maar wel een liniaal. Wil jij een raster gebruiken, teken dat dan met gewoon potlood heel vaag op je aquarelpapier en gum het weg zodra je de opzet in aquarelpotlood af hebt. Aquarelpotlood kun je niet uitgummen.

foto 2 inge (foto 2) Kinderportret naar een foto, opzet in aquarelpotloden

Ik leg hier uit hoe ik werk. Dat betekent niet dat jij het ook zo moet doen. Er bestaan zo veel manieren om een tekening te maken! Doe het zoals jij leuk vindt.

Ik begin vaak met ‘schaduwkleuren’. Het is moeilijk uit te leggen wat ik daarmee bedoel. Ik analyseer de kleur die ik wil aanbrengen. Misschien lijkt het bruin … maar het is een schaduw van een roodachtige kleur … Dan neem ik geen bruin potlood. Ik zou dan kunnen beginnen met een donkere groentint. Als ik daarna met de rode tint over de groene heen ga, dan mengen groen en rood zich tot een bruinige tint. Ziet het mengsel er nog niet zo uit als ik wil, dan ga ik er met andere kleuren overheen. Eigenlijk doe ik dat ‘op het gevoel’, net zo lang tot de kleur me bevalt. Als ik uit mijn fantasie teken dan moet het helemaal op mijn gevoel!

Op die manier werk ik de hele tekening af met kleuren. Die kleuren bestaan grotendeels uit meerdere laagjes over elkaar. Witte delen kleur ik niet (dus ook niet met wit potlood).

????????????????????????????????????????????????

(foto 3) Kinderportret, eerste gekleurde laag na eerste bewerking met water

De eerste gekleurde laag maak ik nog niet op de volle sterkte. Als mijn hele tekening kleuren heeft ga ik die eerst met water bewerken. Ik gebruik daarvoor een klein aquarelpenseeltje. Bij de test heb ik beschreven hoe ik daarmee werk. Voor elk nieuwe kleurvlak spoel ik het af. Soms heeft een vlak overlopende kleuren en wil ik dat effect versterken. Dan begin ik dat vlak met een flink nat penseel en werk door tot het vlak af is. Als dat niet in één keer lukt doop ik wel opnieuw in, maar neem bij het verder gaan de kleur mee die ik daarvoor al nat had gemaakt.

Bij een portret komt het vaak voor dat ik een vloeiende overgang wil van wit naar kleur. Dan begin ik met mijn penseeltje met schoon water in het witte deel. Ik schilder als het ware naar de kleur toe.

Als mijn tekening met water is bewerkt moet hij goed drogen. Als je met aquarelpotloden verder gaat terwijl het papier nattig is kun je onverwachte effecten krijgen … Misschien vind je dat wel leuk, daarover later meer …

Ik werk pas een dag (of meer) later verder. Als ik zie dat vormen verbeterd moeten worden kan ik dat nu nog doen, want de kleuren zijn nog niet zo fel. De volgende lagen maken de kleuren dieper, feller. Soms ga ik er weer met de zelfde kleur overheen, vaak ook met andere kleuren.

foto 4 inge

(foto 4) Kinderportret, eindresultaat na meerdere bewerkingen

Je kunt ook structuur aanbrengen. Dat doe je met lijntjes, of andere vormen, om die structuur te versterken. Die structuurlijntjes maak je met meer druk op het potlood. Dat doe je in de eerste laag. Ik gebruik dan vaak een ‘schaduwkleur’.

Als je er met water over gaat blijft er meer kleur achter in de lijntjes dan in de stukken daar tussenin. In de tweede laag kleur je het hele stuk. Bewerk je het dan met water, dan komt er in de lijntjes een donkerder kleurmengsel. Zo maak je haren, vacht, e.d. Gebruik hiervoor glad aquarelpapier, ruw papier heeft van zichzelf al een structuur.

 

foto 5 inge foto 6 inge
(foto 5) Illustratie uit fantasie,                      (foto 6) Illustratie met poes, eindresultaat
eerste laag: structuur aangebracht
op vacht van poes

Zoals ik al zei zijn kun je op allerlei manieren met aquarelpotloden werken. Ik zal kort over een paar daarvan vertellen.
Wil je dat de lijnen, stippen, vlakken, die je met je aquarelpotlood hebt getekend precies daar blijven staan waar je ze hebt gezet? Dan gebruik je geen penseel. Met het penseel verplaats je de kleuren als je er overheen gaat. Ik gebruik dan een sprayfles. Ik laat mijn tekening vlak liggen en spray er van een afstandje een fijne nevel schoon water over. Daarna blijft de tekening liggen tot hij droog is. Door het water verandert ‘potlood’ in ‘verf’ maar je tekening blijft verder gelijk.

Wil je onverwachte felle effecten? Maak dan je papier flink nat en ga er direct op tekenen. Als de punt van het aquarelpotlood eenmaal goed nat is kun je ermee ‘schilderen’!

Probeer gewoon eens wat uit!

Voor meer informatie en werk van Inge:
http://ingeleonora.blogspot.nl/ en http://ingeleonora.exto.nl/ 

 

Advertenties

2 thoughts on “Inge Leonora- Den Ouden -Aquarelpotloden-

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s